Skip to main content
Afstuderen
Thesisonderwerpen
- Enkele mogelijke onderwerpen voor een thesis binnen het staatsrecht:
- De grondwettigheid van de Kerstcoup van 1989
- In 1987 werd in Suriname de democratie hersteld na een periode van militaire dictatuur. In datzelfde jaar trad een nieuwe grondwet in werking, gevolgd door vrije verkiezingen. Deze werden gewonnen door het Front voor Democratie en Ontwikkeling, een coalitie van de “oude” politieke partijen. In december 1989 grepen militairen opnieuw de macht, waarbij zij claimden te handelen in overeenstemming met de toen vigerende grondwet. Was de militaire ‘Kerstcoup’ van december 1989 verenigbaar met de destijds geldende Grondwet van Suriname en het bijbehorende staatsrechtelijke kader?
- Functionele decentralisatie: Zelfstandige bestuursorganen in het Surinaamse staatsbestel
- In toenemende mate worden publieke taken in Suriname opgedragen aan organen die op afstand van de ministeries staan, zoals toezichthouders en autoriteiten. Een voorbeeld van dergelijke functionele decentralisatie is de Energie Autoriteit Suriname, die onder de nieuwe Elektriciteitswet regulerende bevoegdheden uitoefent over de elektriciteitssector. De Grondwet kent deze figuur van het zelfstandig bestuursorgaan echter niet: zij gaat uit van ministeriële verantwoordelijkheid als sluitstuk van democratische controle op het bestuur. Dat roept vragen op over de constitutionele inbedding van zulke organen: op welke grondslag berusten hun bevoegdheden, wie draagt de politieke verantwoordelijkheid voor hun handelen, en hoe worden zij democratisch gecontroleerd? Welke plaats hebben zelfstandige bestuursorganen binnen het Surinaamse staatsbestel, en welke constitutionele waarborgen zijn vereist voor de toekenning van bestuursbevoegdheden aan deze organen?
- De verkiezing van de president in vergelijkend perspectief
- De Surinaamse president wordt niet rechtstreeks door het volk gekozen, maar door De Nationale Assemblée met een meerderheid van twee derde van het grondwettelijk aantal leden. Wordt die meerderheid tweemaal niet gehaald, dan beslist de Verenigde Volksvergadering bij gewone meerderheid. Dit stelsel wijkt af van wat in de regio gebruikelijk is: Guyana kent een directe koppeling tussen parlementsverkiezing en presidentschap, Trinidad en Tobago en Barbados kennen een parlementair stelsel met een ceremonieel staatshoofd, en veel Latijns-Amerikaanse landen kennen directe presidentsverkiezingen. Een vergelijking van deze stelsels werpt licht op de sterke en zwakke punten van de Surinaamse keuze, waaronder de kans op impasses bij de presidentsverkiezing. Hoe verhoudt de Surinaamse wijze van presidentsverkiezing zich tot die in andere landen in de regio, en welke lessen kunnen daaruit worden getrokken voor een eventuele herziening?
- De doorwerking van uitspraken van het Inter-Amerikaans Hof in de Surinaamse rechtsorde
- Suriname is partij bij het Amerikaans Verdrag inzake de Rechten van de Mens en heeft de rechtsmacht van het Inter-Amerikaans Hof voor de Rechten van de Mens aanvaard. Het Hof heeft Suriname in meerdere zaken veroordeeld, waaronder de zaken over de grondenrechten van Inheemse en Tribale volken (Saramaka en Kaliña en Lokono). Deze uitspraken verplichten onder meer tot wettelijke erkenning van collectieve rechten op grond en tot het waarborgen van vrije, voorafgaande en geïnformeerde toestemming (FPIC). De uitvoering laat echter al jaren op zich wachten, wat de vraag oproept welke plaats deze uitspraken innemen in de nationale rechtsorde en wat de rechter kan doen wanneer de wetgever nalaat uitvoering te geven. Welke rechtskracht hebben uitspraken van het Inter-Amerikaans Hof binnen de Surinaamse rechtsorde, en welke rol kan de nationale rechter spelen bij de handhaving daarvan?
- Staatsdeelnemingen en de staatsrechtelijke positie van de overheidscommissaris
- Een aanzienlijk deel van de Surinaamse economie verloopt via naamloze vennootschappen waarvan de Staat aandeelhouder is, de zogenoemde parastatalen. De Staat oefent zijn invloed onder meer uit door de benoeming van commissarissen, onder wie de president-commissaris. Daarmee ontstaat een spanningsveld tussen twee rechtssferen: het vennootschapsrecht, dat commissarissen verplicht zich te richten naar het belang van de vennootschap, en het staatsrecht, dat democratische controle op het gebruik van publieke middelen en bevoegdheden verlangt. In de praktijk rijzen vragen over politieke benoemingen, instructies vanuit de regering en de verantwoording aan De Nationale Assemblée. Hoe verhoudt de zeggenschap van de Staat in staatsdeelnemingen zich tot de vennootschapsrechtelijke positie van de commissaris, en welke staatsrechtelijke waarborgen gelden voor de uitoefening van die zeggenschap?
- De benoeming en het ontslag van rechters door de Regering
- De Grondwet bepaalt dat de leden van de rechterlijke macht met rechtspraak belast worden benoemd door de Regering, na advies van het Hof van Justitie, en door de Regering worden ontslagen op voordracht van het Hof. Deze regeling is historisch overgenomen uit het Nederlandse staatsrecht, maar is in internationaal perspectief ongebruikelijk: in de meeste landen loopt de benoeming via een raad voor de rechtspraak of via het staatshoofd in samenspel met het parlement, juist om de uitvoerende macht op afstand te houden van de samenstelling van de rechterlijke macht. De vraag is of de Surinaamse regeling voldoende waarborgen biedt voor de onafhankelijkheid van de rechter, mede in het licht van internationale standaarden. Biedt de huidige grondwettelijke regeling van benoeming en ontslag van rechters voldoende waarborgen voor rechterlijke onafhankelijkheid, en is de instelling van een raad voor de rechtspraak wenselijk?
- De Verenigde Volksvergadering
- De Verenigde Volksvergadering is een instituut dat nergens anders ter wereld voorkomt. Wanneer De Nationale Assemblée er tweemaal niet in slaagt de president met twee derde meerderheid te kiezen, komen de Assemblée, de districtsraden en de ressortraden gezamenlijk bijeen om bij gewone meerderheid te beslissen. Het mechanisme is geen dode letter: in 1996 werd de president langs deze weg gekozen. Tegelijk roept het vragen op. De leden van districts- en ressortraden zijn niet gekozen met het oog op de presidentsverkiezing, en hun stemgewicht verhoudt zich niet tot de omvang van hun kiezerskorps. Wat is de ontstaansgeschiedenis en de staatsrechtelijke ratio van de Verenigde Volksvergadering, hoe functioneert zij in de praktijk, en verdient dit instituut behoud bij een toekomstige herziening van de Grondwet?
- Het terugroeprecht van volksvertegenwoordigers
- De Grondwet noemt het terugroeprecht ten aanzien van gekozen volksvertegenwoordigers een waarborg voor een waarachtige democratie, en maakt terugroeping tot grond voor beëindiging van het lidmaatschap van De Nationale Assemblée. De uitwerking is aan de gewone wetgever overgelaten en heeft vorm gekregen in de Terugroepwet, waarvan de toepassing tot veel discussie heeft geleid. Het terugroeprecht staat bovendien op gespannen voet met het vrije mandaat: de gedachte dat een volksvertegenwoordiger het gehele volk vertegenwoordigt en stemt zonder last. Constituties die parlementsleden herroepbaar maken zijn wereldwijd schaars, wat de Surinaamse regeling tot een bijzonder studieobject maakt. Hoe verhoudt het grondwettelijk terugroeprecht zich tot het vrije mandaat van de volksvertegenwoordiger, en voldoet de wettelijke uitwerking ervan aan de eisen van de democratische rechtsstaat?
- De strafrechtelijke aansprakelijkheid van de president
- Anders dan in vrijwel alle andere landen geniet het Surinaamse staatshoofd geen grondwettelijke immuniteit. De Grondwet bepaalt dat politieke ambtsdragers, ook na hun aftreden, wegens ambtsmisdrijven terechtstaan voor het Hof van Justitie, nadat zij door De Nationale Assemblée in staat van beschuldiging zijn gesteld. Waarom deze keuze is gemaakt is voorzover niet bekend. De Grondwet kent een aparte regeling voor de strafrechtelijke vervolging van de president (en andere politieke ambtsdragers). Hoe verhoudt de Surinaamse keuze zich tot de immuniteitsregelingen in andere landen?